Bouterse krijgt toch een visum van Nederland

President Desi Bouterse van Suriname kan opgelucht zijn. Hij zal in ieder geval voor Nederland toch een visum krijgen als hij voor officiële zaken naar Nederland komt. Eerder had de Minister van Buitenlandse Zaken nog gesteld dat Bouterse niet welkom was vanwege zijn veroordeling bij verstek voor drugshandel. De nodige nuance is nu aangebracht door het Ministerie.

Wanneer Bouterse Nederland wil bezoeken voor privé-bezoeken, dan zal Nederland een visum weigeren. Het Ministerie wijst echter op 'internationale verplichtingen' van Nederland waardoor Nederland geen visum kan weigeren wanneer Bouterse voor officiele zaken bij internationale organisaties naar Nederland komt. Als voorbeeld wordt door het Ministerie genoemd een bezoek aan de OPCW, de organistie betreffende het verbod op chemische wapens dat in Den Haag is gevestigd. Wat voor internationale verplichtingen zijn dat dan?

Zoals bekend is Nederland gastland voor vele internationale organen en organisaties, zoals het Internationaal Gerechtshof, het Internationale Strafhof en ook de OPCW. Nederland heeft daarvoor met die organisaties zogenaamde 'Host-State Agreements' afgesloten. In deze overeenkomsten worden over en weer rechten en plichten neergelegd om er voor te zorgen dat de organisatie goed kan functioneren, maar ook dat de organisatie niet wordt misbruikt ten nadele van het gastland. Het goede en soepele functioneren van de organisatie wordt onder meer gegarandeerd door veel gebruikte, maar soms verstrekkende privileges en immuniteiten te verlenen aan de organisatie. Zie onder andere de overeenkomst tussen Nederland en de OPCW. Zo is de OPCW, diens bezittingen en personeel immuun voor de Nederlandse rechtsgang en betaalt het geen belasting in Nederland.

De verplichtingen van Nederland om Bouterse een visum te verlenen zullen onder meer gestoeld zijn op bijvoorbeeld artikel 3 van de overeenkomst tussen Nederland en de OPCW mbt tot de 'freedom of assembly' en artikel 14 mbt 'transit en residence'. Nederland moet zorgen dat de OPCW kan vergaderen en dat delegaties van landen zonder problemen naar en door Nederland kunnen reizen. Wanneer Bouterse dus als hoofd van een delegatie naar de OPCW reist, zal Nederland hem een visum moeten verlenen, want anders zou het niet aan haar verplichtingen voldoen onder de overeenkomst met de OPCW.

Bouterse moet een vrijgeleide krijgen anders is Nederland niet meer het beste jongetje van de volkenrechtelijke klas.